
Nederlandse studies uit 1992 en 1994 geven gedetailleerde kostenindicaties voor aanpassing van bestaande woningen en publieke gebouwen.
De Nederlandse publicatie 'Seniorenscore en opplussen' (SEV, 1995) geeft geen kostprijsberekeningen voor aanpassingen, maar stelt een getrapte en genuanceerde benadering voor. Bij nieuwbouw is het streefdoel 'geschiktheid voor alle leeftijden' zoveel mogelijk kostenneutraal te realiseren. Voor het bestaande woningpatrimonium komen de woningen met een gunstige 'seniorenscore' prioritair in aanmerking voor 'opplussen'. Het instrumentarium voor analyse van bestaande woningen en voor het bepalen van de 'seniorenscore' wordt uitvoerig beschreven. Kosten en baten kunnen afgewogen worden.
Een gebouwde omgeving die inclusief en integraal bereikbaar, toegankelijk en bruikbaar is voor iedereen, stelt meer mensen in staat om de diensten en ruimten te benutten, om er te studeren, te werken, inkomen te verwerven via arbeid, zich te ontspannen, zich te verplaatsen, goederen en diensten te kopen, belastingen en taksen te betalen.
Goederen en diensten die toegankelijk en bruikbaar zijn voor iedereen, verhogen de zelfredzaamheid en maken mensen minder snel afhankelijk van gespecialiseerde materiële en financiële sociale voorzieningen.
Inclusief en integraal ontwerpen voor iedereen schept gelegenheden om de afzetmarkt te vergroten, winsten te verhogen en de reputatie te verbeteren. De relatieve kosten kunnen dus verlagen door toenemende efficiëntie en rendement.
Van producenten wordt in toenemende mate verwacht dat de goederen en diensten die zij produceren en ontwikkelen, mens en milieu respecteren. Maatschappelijk verantwoorde, mensvriendelijke en duurzame goederen dragen bij tot goede kwaliteit, gebruikscomfort, veiligheid, betrouwbaarheid en hoogwaardige dienstverlening.
Voor Maarten Wijk (1997; 26) is de economische vraagstelling onlosmakelijk verbonden met de ethische grondstelling van gelijke rechten voor iedereen.
De gedrevenheid waarmee een gemeenschap constant probeert om de kostprijs van toegankelijkheid te berekenen en te verantwoorden, heeft me steeds weer verbaasd. Alsof het bestaansrecht van toegankelijkheid afhankelijk is van kostneutraliteit. Onderzoek en streven naar toegankelijkheid-zonder-meerkost is een verloren strijd. Diegenen die dit gevecht aangaan, verliezen hun aandacht voor kwaliteit.
Alles kost geld.
(...)
We moeten de vraagstelling omkeren en ernstig onderzoek gaan doen naar de maatschappelijke en economische meerkost van een slecht toegankelijke sociale en fysieke omgeving. We moeten de klemtoon leggen op de voordelen van goede toegankelijkheid en bruikbaarheid voor iedereen.